Berichten

REFO500: MAARTEN LUTHER
25 april 2017ColumnRedactie 0 Comments

Dé reformator bij uitstek is natuurlijk Maarten Luther (1483-1546). Zijn invloed op ons geloof en op onze cultuur is nauwelijks te overschatten. Zijn ‘herontdekking’ van de Bijbel zette de wereld op zijn kop. Vorige week heb ik met veel plezier het nieuwe boek over Luther van prof. Herman Selderhuis gelezen. Een echte aanrader! Het boek is ook te leen via de Commissie Toerusting (zie pag. 22). Wat was Maarten Luther eigenlijk voor iemand?

Fenomeen
Maarten Luther was een zeer fascinerend figuur. Hij was een groot theoloog, prediker en hoogleraar. Hij werkte keihard, ondanks zijn slechte gezondheid. Hij had veel humor en hij was een taalvirtuoos. Woorden als ‘gastvrij’, ‘naastenliefde’, ‘zondebok’, ‘kleingelovig’ en ook ‘avondmaal’ zijn vondsten van Luther. Zijn ego, verantwoordelijksgevoel en daadkracht stelde hem in staat om enorm veel te publiceren en te presteren. Daarbij had hij een groot gezin en waren er thuis doorlopend kostgangers.

Bidder
Luther bad veel. Uren per dag. ‘Hoe drukker ik het heb, hoe meer ik bid’. Hij sprak met God als een kind met zijn vader. Heel eenvoudig, heel direct, geen fraaie woorden. Als je zijn gebeden leest dan valt op hoe vrijmoedig hij tot Gods spreekt. Luther hield God bijna brutaal aan Zijn beloften en durfde veel te zeggen.
Toen zijn vriend en collega Philippus Melanchton doodziek op bed lag, bad Luther furieus en niet aflatend. ‘Nu moest onze Heere God maar eens in actie komen. Ik wierp Hem de zaak voor de voeten en waste Hem de oren met al Zijn beloften over gebedsverhoring die ik in de Bijbel kon vinden. Als Hij mij nu niet verhoorde, hoe kon ik Zijn beloften dan vertrouwen?’ Vervolgens nam hij de hand van Melanchton en zei: ‘Je gaat niet dood’. Hij spoorde Melanchton aan niet toe te geven aan de verleiding om te sterven. Melanchton wilde niet meer terug naar het leven en weigerde te eten. Toen zei Luther: ‘Als je nu niet eet, doe ik je in de ban!’ Luthers gebed werd verhoord. Melanchton knapte op en leefde nog jaren. Luther was dolbij en schreef zijn vrouw Katherina: ‘Ik vreet als een Bohemer en ik zuip als een Duitser en God zij dank daarvoor. Amen. Dat komt omdat meester Philipp echt dood was en als Lazarus weer uit de dood is opgestaan. God, die lieve Vader, verhoort ons gebed’.

Lastpak
Er is geen reden om op te zien naar heiligen of predikanten. Ook Luther was een zondig mens, met fouten en gebreken. Wat heet! Hij heeft heel wat mensen de huid vol gescholden. Hij was vaak onbehouwen en grof. Over joden heeft hij verschrikkelijke dingen geschreven, hoewel dat in die tijd niet uitzonderlijk was. Luther was ook bepaald niet bescheiden. Hij noemde zichzelf ‘een grote doctor die boven alle bisschoppen, priesters en monniken staat’. Daarin had hij weliswaar gelijk, maar echt bescheiden is het niet.
Luther zag achter zijn vele kwalen wel de duivel, maar niet zijn eigen ongezonde levensstijl. Zo liet Luther wijn en bier bepaald niet staan. ‘Morgen moet ik over de dronkenschap van Noach college geven. Daarom wil ik vanavond stevig gaan drinken, zodat ik over dit ernstige voorval uit ervaring kan spreken’.
Calvijn klaagde ook over Luthers zelfbeheersing, maar oordeelde mild: ‘Hij is nu eenmaal zo en dankzij hem hebben we wel het Woord teruggekregen. Hij was een bijzonder dienaar van God’.

Bedelaar
Aan het einde van zijn leven was Luther zijn gevoel voor humor niet verloren: ‘Als ik ben thuisgekomen in Wittenberg, leg ik mij in een graf en zal ik de maden een lekkere dikke doctor te eten geven.’ Hij zou Wittenberg niet meer halen.
Luthers laatste woorden waren: ‘Wij zijn bedelaars, dat is waar’. Ondanks zijn onbescheidenheid zijn het voor hem typerende woorden. Wij kunnen God niets geven. We moeten leren te ontvangen als een bedelaar. Van genade leven. Bij God kunnen wij slechts de hand ophouden.

JCT

Geef uw reactie

Now add some widgets!