Berichten

“De mens die met God wandelt, komt altijd op zijn bestemming aan.”
20 februari 2014Hoofdbericht, JeugdverenigingRedactie 0 Comments

Onderwerp gehouden op de Jeugdvereniging Polycarpus

Lezen: Mattheüs 5 : 1 – 12 & Openbaring 21 : 1 – 8
Zingen: Ps. 84 : 5 , 6 & Ps. 73:14

In Mattheüs 5 hebben we net een zaligspreking van Jezus gelezen. Pas is over dit stuk gepreekt en het kwam bij me op toen ik aan deze inleiding over de eeuwigheid begon.
Jezus spreekt over mensen die het niet makkelijk hebben door bijvoorbeeld armoede, vervolging, smaad, dat wil zeggen iemand zwart maken. Maar ook spreekt hij over mensen die goede dingen doen, bijvoorbeeld die rein zijn van hart, hongerigen te eten geven en mensen die vrede stichten. Al deze mensen zullen het eeuwige leven erven, iedereen zal de eeuwigheid ingaan, maar er zit toch wel een groot verschil als het gaat om welke eeuwigheid.
Misschien is het je opgevallen dat er alleen in Openbaring het laatste vers dat wij gelezen hebben, dat is vers 8, wordt gesproken over de andere eeuwigheid, de eeuwigheid bij de duivel. Toch moeten we dit niet over het hoofd zien, naar de hemel gaan is niet vanzelfsprekend!
Maar hoe weten wij nou waar we naartoe zullen gaan als we komen te sterven? Kun je dat eigenlijk wel weten? Is dat een gevoel, is dat goede hoop en veel bidden? Op deze vragen kan ik je vertellen dat er wel degelijk zekerheid bestaat rondom dit punt. Denk eens aan Johannes 3:16, waarin staat: “Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.”
Wat een grote belofte geeft de Bijbel ons hier, een ieder die oprecht in Jezus Christus als zijn Zaligmaker gelooft, zal het eeuwige leven hebben! De zaligspreking uit Mattheüs blijkt dus alleen te gelden wanneer je in Jezus Christus gelooft. Je kunt wel goed voor de armen zorgen, of vredesmissies leiden, maar zonder het geloof in Hem zul je het Koninkrijk der Hemelen niet ingaan.
Dat brengt me op een volgend aspect rondom die zekerheid, de geestelijke vruchten. In de Bijbel spreekt Jezus over de wijnstok. Wij zijn de ranken, hij is de wijnstok. Wie in Hem blijft, en Hij in jou, zal veel vruchten uitdragen. Maar wie Hem niet heeft, zal niets kunnen doen.
Aan vruchten kun je een echt Christen herkennen, hij zal een levendig geloof hebben, en daarmee het eeuwige leven ontvangen. Jezus maakt duidelijk dat vruchtdragen dus noodzakelijk is, maar zegt er duidelijk bij dat niemand dat zonder Hem kan doen.

Als laatste is er nog de volharding in je geloof. Je kunt natuurlijk niet de eerste twintig, dertig, misschien wel veertig jaar een oprecht Christen zijn en daarna alles omgooien, met het idee dat je toch wel in de hemel zult komen. Dat is heus niet makkelijk, denk maar eens aan die verschillende koningen van Juda en Israël. Of aan de Israëlieten die met Mozes de woestijnreis hebben gemaakt, de meesten daarvan hebben het Beloofde Land niet bereikt. Laten we niet te snel denken dat het in ons geloofsleven vanzelf wel goed zal blijven gaan. Het Nieuwe Testament bevat veel waarschuwingen om te volharden in het geloof, zoals er in Hebreeën 3:14 geschreven staat: “Want wij hebben deel aan Christus gekregen, als wij tenminste het beginsel van de vaste grond van het geloof tot het einde toe onwrikbaar behouden.”
Ik denk dat dit laatste het moeilijkste deel is van het Christelijk geloof. In moeilijke tijden vasthouden gaat vaak nog wel, maar in tijden van voorspoed is God soms zo vergeten. Een mooie les, vind ik dit stuk uit Hebreeën.

Laten we dan tot het einde toe, onze hoop op Christus vestigen.

Vragen en stelling

  1. Sta jij wel eens stil bij de eeuwigheid? Hoe sta jij daar dan tegenover?
  2.  In welke dingen hier op aarde merk jij nu al wat van het eeuwige leven? Wat is er zo kenmerkend?
  3. Lees met elkaar Johannes 17:3. Met het ‘kennen’ van de Vader wordt hier een vertrouwelijke omgang bedoeld. Opvallend is dat het Jezus niet om de tijdsduur gaat, maar om de relatie van en met Hem. Dat zou betekenen dat het eeuwige leven nu al begonnen is. Ook heeft Jezus het meerdere malen over dat wie in Hem gelooft, het eeuwige leven heeft (!) .
    Geniet jij voldoende van het ‘eeuwige’ leven hier op aarde omdat je God de Vader en Zijn Zoon nu al kent? Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?
  4. Wat vind jij het moeilijkste punt als het gaat om de zekerheid rondom de eeuwigheid? Het oprecht geloven, de vruchten uitdragen of het volharden?

Stelling:  Onze gelukkigste momenten op aarde zijn maar een zwakke afspiegeling van wat ons nog te wachten staat.

Een mooie quote om mee af te sluiten: “De mens die met God wandelt, komt altijd op zijn bestemming aan.”

Geef uw reactie

Now add some widgets!